Onthaal · Geschiedenis · Visit · Festivities · Adressen · Links · Inlichtingen

Geschiedenis

De stad Issigeac is vooreerst een groot dorp uit de middeleeuwen. Nochtans zijn haar wortelen nog ouder. Inderdaad, de mensen leven in deze streek sinds de nacht der eeuwen ( circa 500.000 jaar). De eerste sporen van de menselijke bezetting stammen uit de Acheuléen. De overblijfsels van Moustérien, Neolitischeperiode en de bronstijd getuigen in de gemeente van de menselijke activiteit. Men moet opmerken dat de streek van Issigeac de rijkste is aan de megalitische overblijfsels in de streek van de Périgord.

In de IVde eeuw van ons tijdperk bestond er een Gallo-Romeinse villa, waarvan het strandgedeelte in 1994 dank zij werken terug werd gevonden. Dit gebouw was versierd met mozaïken en decoratieve elementen. Een merovingische dodenstad wortelde zich op de plaats van de villa en viel, tijdens de invasie van de Barbaren, in puinen.

De eerste geschreven vermelding van Issigeac dateert van 1008 en betreft de kerk Saint Martin. Er bestond ook het klooster afhankelijk van de grote Abdij van Sarlat. Gedurende de XIIIde eeuw schuilde de stad binnen de vestingmuren, teneinde zich te beschermen tegen de gevechten van de honderdjarige oorlog. Deze heerlijkheid was afhankelijk van de Heren-Bergerac, maar de Dekens ( dat zijn de verantwoordelijken voor de monniken-gemeeschap) namen zeer spoedig, de feodale rechten in beslag en werden de temporele en spirituele landsheren van het Issigeac juridisch rechtsgebied. Het gewoonterecht werd in 1298 opgesteld.

In 1351 werd Issigeac verbonden aan de goederengemeenschap van het bisdom van Sarlat. Sedert die tijd werd Issigeac de woonplaats van de Prelaten van Sarlat. De actuele kerk werd gebouwd in de XVIde eeuw door bisschop Armand de Gontaut-Biron. Maar sindsdien had de stad te lijden aan de godsdienstorlogen. Het kasteel en de kerk werden gedeeltelijk verwoest en de stad vond haar kalmte in de XVIIde eeuw terug. De kerk en het actuele kasteel werden weer opgeboud onder het episcopaat van François II de Salignac de Lamothe-Fénelon. Gedurende diezelfde tijd verbleef Fénelon, de beroemde schrijver, bij zijn oom in het Kasteel.

In 1789 ging de stad haar klachten opstellen en kende, gedurende heel de XIXde eeuw, talrijke veranderingen, gelukkig zonder te veel gevolgen op de architectuur van het grote dorp. Ondanks een terugkeer van de activiteiten tijdens de laatste eeuw viel de stad in slaap in het begin van de XXste eeuw wat haar beschermde tegen de grote verbouwingswerken.

Vandaag is het een stadje waar men goed leeft en waar men nu de landelijke uittocht heeft kunnen tegengaan. Talrijke bezoekers komen hier jaarlijks naartoe, verblijven er en komen er zich soms vestigen.